Wekelijkse nieuwsbrief: boeken en recensies.
Walther Rathenau
De moord op de Duitse Minister van Buitenlandse Zaken schokte Duitsland en de hele wereld. Al snel richtte de woede zich niet alleen op de moordenaars maar ook op hen die verantwoordelijk waren voor de ‘Rufmord’. Hierbij stond Erich Ludendorff, een van de kopstukken uit de eerste Wereldoorlog, centraal. In het Duitsland van het interbellum was hij tot eind 1923 een van de centrale figuren van de rechtse oppositie tegen de republiek van Weimar. 24 juni 1922 was een regenachtige dag in Berlijn. Het zou een dag worden die tijdgenoten niet meer zouden vergeten. Op die dag werd de Duitse Minister van Buitenlandse Zaken Walther Rathenau vermoord. Bij een S-bocht op de Koningsallee, niet ver van zijn huis, werd de auto van Rathenau, die open en bloot op de achterbank zat, ingehaald door een andere auto van waaruit met automatische wapens het vuur geopend werd.
Ook werd er een handgranaat geworpen. De auto van Rathenau en diens chauffeur kwam tot stilstand tegen de stoep, terwijl de daders er spoorslags vandoor gingen. Omstanders brachten Rathenau naar diens woning waar hij kort daarop stierf. De direct toegesnelde verpleegster Helene Kaiser, die toevallig getuige was van het voorval, kon geen redding brengen. Vijf kogels waren het lichaam binnengedrongen en hadden de wervelkolommen en onderkaak verbrijzeld. ‘De volgende dag, zondag 25 juni, lag hij op dezelfde plaats in de open kist’, schreef Harry Graf Kessler, ‘het hoofd een weinig naar rechts achterovergebogen, met een zeer vreedzame uitdrukking en toch een onmetelijke tragiek in het diep gegroefde, dode, verwonde gelaat, waar over de onderste verbrijzelde helft een fijne zakdoek was gespreid, slechts de grijze, kort geknipte, verwarde snor keek er boven uit.’ De moord op Rathenau stond niet op zichzelf. ‘Feme’-moorden (het voor eigen rechter spelen, geïnspireerd op afrekeningen tijdens de wetteloze tijd van de Dertigjarige Oorlog) waren een gebruikelijk wapen geworden voor de rechterflank om oppositionelen aan te pakken. Matthias Erzberger, voormalig Minister van Financiën en Minister-president Philipp Scheidemann (achttien dagen voor Rathenau, op 4 juni 1922! -deze aanslag mislukte-) waren al eerder slachtoffer geworden van aanslagen. Maximilian Harden, publicist, zou enkele dagen na Rathenau zwaar gewond raken bij een aanslag.
Uitgever: Aspekt
Bijkomende kosten: €1.10 bijdrage in de verzendkosten

Recensies
1 jaar 39 weken geleden
1 jaar 45 weken geleden
1 jaar 47 weken geleden
1 jaar 48 weken geleden
1 jaar 49 weken geleden
1 jaar 49 weken geleden
1 jaar 50 weken geleden
1 jaar 51 weken geleden
1 jaar 51 weken geleden
1 jaar 52 weken geleden